Afval verbranden is schadelijk

Wie zelf zijn afval verbrandt, is de sigaar.

Drieënvijftig percent van de dioxine-uitstoot wordt
veroorzaakt door vuurtjes in de tuin. Dat blijkt niet alleen uit het Milieu- en
natuurrapportVlaanderen 2006 (Mira-T), maar ook uit tal van andere studies. Dat
is een cijfer dat tot nadenken aanzet over de gevolgen voor het milieu en onze
gezondheid.

Vuurtjes stoken in de open lucht heeft niet alleen
verstrekkende gevolgen voor de stoker en zijn buren, maar voor elke Vlaming,
terwijl er toch tal van alternatieven zijn. Laten we zorg dragen voor het
milieu en onze gezondheid, en stoppen met die slechte gewoonte.

Meer informatie kan u terugvinden op deze website of in de brochure
"53% van de dioxine-uitstoot wordt veroorzaakt door vuurtjes in de
tuin." (pdf, 2.1MB) 

U kan de gratis brochure ook bestellen bij de Vlaamse
infolijn op het nummer 1700, elke werkdag van 9 tot 19 uur, waar u ook voor
verdere vragen terecht kan.

Afval verbranden is schadelijk

Afval verbranden in de tuin of in je kachel is veel
schadelijker dan we denken. Maar liefst 53% van de dioxine-uitstoot wordt veroorzaakt
door vuurtjes in de tuin. Overheid en industrie tonen dat het anders kan.
Slechts 0,2% van de totale dioxine-uitstoot wordt nog veroorzaakt door
huisvuilverbrandingsinstallaties. Ook industriële dioxinebronnen zijn aan
strikte normen onderworpen. Maar terwijl het aandeel van de industriële bronnen
afneemt, blijft het relatieve aandeel van de dioxine-uitstoot door de bevolking
toenemen.

Er is een zeer hoge dioxine-uitstoot bij het verbranden van
allerhande hout- en plasticafval (waaronder pvc-flessen). Maar ook de
verbranding van "onschuldig" tuinafval zoals snoeihout en bladeren
zorgt voor aanzienlijke concentraties dioxines, stof en polycyclische
aromatische koolwaterstoffen (PAK's), zelfs bij de verbranding in een gesloten
kachel. Vele burgers kopen een kachel met te grote capaciteit, wat vaak leidt
tot een onvolledige verbranding. Hierbij komen schadelijke gassen en roet vrij,
ook in een woning. Een toestel met de juiste capaciteit en een correcte manier
van stoken is dan ook van enorm belang.

Deze schadelijke stoffen hebben uiteraard gevolgen voor onze
gezondheid. Vooral dioxines, PAK's en fijn stof vormen een gevaar. We ademen ze
in of ze komen via de bodem in ons voedsel en vervolgens in ons lichaam
terecht. Ze veroorzaken problemen van tijdelijke hinder, irritatie van neus,
keel en ogen, hoofdpijn, misselijkheid, vermoeidheid, tot luchtwegproblemen
zoals astma en zelfs aangeboren afwijkingen, hartproblemen of kanker.

Denk aan de buren

Ook de buren lopen alle risico's die gepaard gaan met het
stoken van afval en ondervinden hiervan heel wat hinder. Niet enkel de vuurtjes
buiten verspreiden smerige, stinkende lucht, die allesbehalve aangenaam is voor
omwonenden en voorbijgangers. Ook gaan planten in de omgeving kapot aan de walm
van een vuurtje en het is erg ongezond voor het wasgoed.

Er zijn voldoende alternatieven

Op deze website vind je voldoende alternatieven om afval te
beperken. Tracht in de eerste plaats afval te voorkomen. Het overgebleven afval
sorteer je en laat je huis-aan-huis ophalen of je brengt het naar het
containerpark. Groenafval
kan je zelf op verschillende manieren verwerken
. Je kan je afval ook
achterlaten bij de verkoper. Er gelden namelijkaanvaardingsplichten voor
onder meer voertuigwrakken, autobanden en elektrische en elektronische
apparaten.

Vuurtje stoken: het is en blijft verboden

Er zijn verschillende reglementeringen die het stoken en
verbranden van afval regelen: Afvalstoffendecreet, Milieuvergunningsdecreet,
VLAREM I, VLAREM II, strafwetboek, veldwetboek en bosdecreet. Daarnaast kunnen
gemeenten op lokaal niveau nog strengere regels opleggen via gemeentelijke
politieverordeningen of de gemeentelijke bouwverordening.

Hoewel het woord "allesbrander" misschien anders
doet vermoeden, mogen in dergelijke installaties enkel die zaken worden
verbrand waarvoor in de wetgeving toestemming wordt gegeven, met name brandstoffen
en onbehandeld, gedroogd hout.

Het verbranden van afvalstoffen is volgens de indelingslijst
van Vlarem I echter een hinderlijke activiteit waarvoor er een milieuvergunning
moet worden aangevraagd. De enige uitzondering hierop wordt bepaald in artikel
4.4.1.1. van Vlarem II. Dit artikel vermeldt dat, onverminderd de toepassing
van het Veldwetboek en het Bosdecreet de vernietiging door verbranding in open
lucht van welke afvalstoffen ook, verboden is tenzij wanneer het gaat om
plantaardige afvalstoffen afkomstig van:

 

  1. het onderhoud van tuinen;
  2. de ontbossing of ontginning van terreinen;
  3. eigen bedrijfslandbouwkundige werkzaamheden.

 

De verbranding van deze plantaardige afvalstoffen is enkel
toegelaten wanneer de bepalingen van het Veld- en boswetboek worden
gerespecteerd. Hierin staan o.a. minimumafstanden ten opzichte van gebouwen en
bossen. De plantaardige afvalstoffen van tuinen mogen enkel verbrand worden op
meer dan 100 meter afstand van bebouwing, boomgaarden, bossen, hagen, ... Dit
betekent in praktijk ook dat in de meeste woonzones afval verbranden helemaal
niet is toegelaten.

Het is bovendien verboden om het afval te transporteren naar
een plaats (bijvoorbeeld veld) waar men de afstandsregels wél kan respecteren.
Volgens de wetgeving moet elke opslagplaats van afvalstoffen die niet verbonden
is aan de productieplaats van die afvalstoffen, beschikken over een geldige
milieuvergunning voor de opslag van afvalstoffen.

Wat met kampvuren en
kerstboomverbrandingen?

In principe is ook dit verboden. Het maken van een kampvuur
in het kader van zogenaamde socio-culturele activiteiten is één van de
mogelijke uitzonderingen. De impact van het verbranden van hout in kampvuren is
over het algemeen vrij beperkt, zowel in omvang als in aantal en tijd. Dit gaat
natuurlijk enkel op in zoverre enkel droog, onbehandeld hout wordt verbrand.
Bij windstil of mistig weer wordt best geen kampvuur aangestoken, aangezien de
rookgassen in die omstandigheden blijven hangen. Voor kerstboomverbrandingen
geldt dezelfde redenering. Enkele Vlaamse gemeenten hebben een
politiereglementering uitgewerkt waarin deze activiteiten onderworpen zijn aan
een toelating na schriftelijke aanvraag bij de gemeente.

Hoe optreden tegen buren die illegaal
stoken?

Probeer in de eerste plaats te overleggen met de
veroorzaker. Het is mogelijk dat deze zich niet bewust is van de overlast die
hij/zij veroorzaakt. Als het overleg te weinig resultaat heeft, kan je aan
derden vragen om te bemiddelen. Dit kunnen mensen zijn zoals een gezamenlijke
kennis, de wijkagent of de milieuambtenaar, maar er bestaan ook professionele
bemiddelaars. Als voorgaande stappen weinig succes kennen, dan kan je met je
klacht terecht bij de lokale politie. Pas wanneer er effectief klacht wordt
ingedeeld, kan er worden opgetreden.

De Medische Milieukundigen bij de LOGO's stelden een Draaiboek illegale
verbranding
 op. Hierin staat o.m. een hinderstappenplan met tips en
maatregelen om op te treden tegen illegaal stoken.

Preventieworkshop afvalverbranding

In 2002 organiseerde de OVAM een workshop over de
problematiek van afvalverbranding bij particulieren. Naar aanleiding van de
workshop werd een dossier 'AEP en verbranding van huishoudelijk afval door
particulieren' opgesteld. Naast het verslag van de workshop vindt je in dit
dossier ook een aantal achtergronddocumenten over deze problematiek. Je kan dit
dossier downloaden bij "Publicaties".